Geschiedenis van de Vrije Evangelische Gemeente te Franeker Over de Gemeente In 1851 kwam Ds. K.J. Pieters in dienst bij de Chr. Afgescheiden Gemeente in het gebouw aan de Zilverstraat. De gemeente maakte toen duidelijk een groeiperiode door. In 1863 dienden een achttal broeders een klacht tegen de predikant in. Zijn levenswandel gaf aanstoot aangezien hij soms bij bezoekjes een borrel gebruikte. Toen hij ook afweek van de belijdenis geschriften bemoeide de classis zich ermee. Deze adviseerde tenslotte losmaking van de gemeente. Een kleine 100 zielen schaarde zich achter Ds. Pieters. Na zorgvuldig beraad en rijp overleg werd door de uitgetredenen besloten om een eigen gemeente te stichten. In november 1875 ging men met de "Vrije Evangelisch Gereformeerde Gemeente" van start. Plaats van samenkomst was voorlopig zolang men nog niet beschikte over een eigen kerkgebouw - de bovenzaal van het cafĂ© " De Prins" (hoek Vijverstraat en Academiestraat). Op 17 april 187 aanvaardde ds. K.J. Pieters zijn gewichtig dienstverband in de nieuw gevormde gemeente. Vooraf verklaarde hij geen formele bevestiging in het ambt te kunnen toelaten, omdat er nooit een wettige ontbinding tussen hem en de Afgescheiden Gemeente Franeker had plaats gevonden. Op 15 oktober 1876 kwam de gemeente in feeststemming bijeen voor de viering van de inwijding van het nieuwe kerkgebouw aan het Noord. Men had toen ook reeds plannen voor de bouw van een pastorie. Op 22 januari 1878 droegen de kerkvoogden kerk en pastorie aan de gemeente over. Lang heeft Ds. Pieters niet in het huis mogen wonen. Een jaar later overleed hij op de leeftijd van 57 jaar. De vacature heeft maar enkele maanden geduurd. Consulent Ds. M. Mooy uit Oude Leije nam het beroep aan. Men bood hem 1.100,= traktement en als winterprovisie 20 mud aardappelen, 20 ton baggerturf en een grote pot boter! Nooit heeft Franeker een grotere bloeitijd gehad als toen. De 500 zitplaatsen waren elke zondag meer dan bezet. Ds. M. Mooy was ook nauw betrokken bij de oprichting van de "Bond van de Vrije Christelijke Gemeenten" in 1881. (zie De Bond) In die tijd was er schrijnende armoede doordat het verdiende loon in drank werd omgezet. Ds. Mooy ging hiertegen ten strijde. Hij deed op 8 oktober 1882 tijdens de bediening van het Heilig Avondmaal een ingrijpend voorstel: "Door op te staan van onze zitplaatsen verklaren wij het volgende: de gemeente des Heren, hier aanwezig, verklaart zich tegen het gebruik van sterke drank en een iegelijk belijdt voor God en Zijn gemeente er zich persoonlijk van te onthouden en het gebruik ervan bij anderen tegen te gaan". Op enkele uitzonderingen na gaf de hele gemeente aan deze uitnodiging gehoor. Het gerucht van deze afgelegde verklaring ging door de hele stad. In de volksmond sprak men dan ook al gauw van "de droge gemeente".   Onderafdelingen:  * Werkgroep liturgie: verzorgt 2 diensten in de zomer en bereid bijzondere diensten voor.  * W.Z.D.: (Werkgroep Zending en Diakonaat)         houdt zich bezig met zendingsprojekten,         diakanaat en organiseert aktie's.  * Commissie van beheer:        houdt zich bezig met onderhoud gebouwen.       verhuur kerkzaal of gemeenschapsruimte.
    Ds. K. J. Pieters          1867-1879
        Ds. M. Mooy          1879-1885
  * Bezoekersgroep:         onderhoud de kontakten met zieken en         ouderen binnen de gemeente.  * K.N.D en Oppas:        elke zondag is er oppas voor de kleintjes        de Kindernevendienst staat vermeld bij kerkdiensten.